Onkruid
Onkruid steekt regelmatig de kop op. Vooral op warme dagen in combinatie met een regenbui schiet het onkruid uit de grond. Wat doet de gemeente precies aan het bestrijden van onkruid?
De gemeente gebruikt geen chemische of giftige middelen om onkruid te verwijderen. Die zijn ook wettelijk verboden. Dat komt omdat deze middelen in de grond en het grondwater terechtkomen. En dat is schadelijk voor het milieu.
Onkruidbestrijding op straat
Op stoepen, pleinen, parkeerplaatsen, kiezelpaden en in goten wordt onkruid verwijderd. We gebruiken daarvoor onze eigen borstelwagens. Met een stalen borstel wordt het onkruid eraf gemaaid. Om schade aan particuliere eigendommen te voorkomen houdt de borstelmachine een kleine afstand tot gevels van woningen evenals schuttingen langs tuinen.
Wanneer bestrijdt de gemeente onkruid?
- Zomermaanden: tussen april en november haalt de gemeente het onkruid gemiddeld 3 keer in uw wijk met borstelwagens weg. In het Stadshart verwijderen we onkruid ook nog met hete stoom. Door heel vaak op dezelfde plek te stomen, gaat de wortel uiteindelijk dood. Omdat dit heel intensief en tijdrovend is, is het helaas niet mogelijk om deze methode ook te gebruiken voor de wijken.
- Wintermaanden: Tussen november en april groeit het onkruid minder hard. Maar ook dan borstelt de gemeente de wegen en paden schoon. Door zaadjes weg te borstelen, komt onkruid in de zomer minder snel omhoog.
Door gebruik te maken van milieuvriendelijke middelen wordt onkruid niet meer tot in de wortel weggehaald. Daardoor komt het onkruid veel sneller weer omhoog en is het heel lastig te bestrijden. Een beperkte mate van onkruid in de wijken is daarom toegestaan.
Onkruidbestrijding in plantsoenen
De hagen en heesters krijgen in elke wijk gemiddeld 8 keer per jaar een schoffelbeurt. Bij 3 van de 8 beurten wordt het geschoffelde onkruid meegenomen. In de rest van het jaar blijft het liggen en droogt het in. Dit verbetert de grond weer.
In bosplantsoenen wordt niet geschoffeld, maar deze worden 1 keer per jaar uitgemaaid. Een bosplantsoen is een groepje bomen en struiken met dichte onderbeplanting. Staan er brandnetels in een bosplantsoen? Dat ziet de gemeente niet als onkruid en laten wij staan. Japanse duizendknoop en de Reuzenberenklauw bestrijden wij wel actief.
Als een bosplantsoen aan een pad grenst, maaien we 3 keer per jaar de randen. Dit is om overhangend groen op paden te voorkomen.
Helpt u ons bij het beheersen van onkruid?
Onkruid groeit het makkelijkst tussen voegen van tegels. Als u regelmatig uw trottoir veegt, veegt u het zand en daarmee de voedingsbodem voor onkruid weg. Een zaadje krijgt hierdoor niet de kans om te ontkiemen. Op deze wijze werken we samen aan een schone en veilige woonomgeving!
Grasaren zijn een grassoort met scherpe haakjes die makkelijk in de vacht van dieren blijven hangen. We doen ons best om de grasaren zoveel mogelijk weg te halen. Helaas kunnen we niet alle grasaren verwijderen. Let daarom extra goed op vlakbij bomen en perken.
Zelf verwijderen
We raden aan om gebieden met veel grasaren zoveel mogelijk met uw huisdier te vermijden. Ziet u grasaren tijdens een rondje wandelen of ziet u grasaren in uw straat? Verwijder deze dan zelf.
Tips voor huisdieren
- Vermijd gebieden met veel grasaren zoveel mogelijk tijdens wandelingen met uw huisdier.
- Houd de vacht van uw hond of kat kort.
- Kam de vacht regelmatig.
- Controleer uw hond of kat op grasaren als deze buiten is geweest.
- Verwijder losse grasaren met uw vingers of een pincet.
- Bij irritatie rond ogen, oren, neus of poten kan een ontsteking ontstaan. Ga dan naar de dierenarts.
Onkruidbestrijding in stegen
De meeste steegjes in Dijk en Waard zijn zogeheten ‘achteromsteegjes’: steegjes die toegang geven tot de achtertuin van woningen.
- Bij sociale huurwoningen zijn de huurders verantwoordelijk voor het onderhoud van die steegjes. Dat betekent dus ook het verwijderen van onkruid.
- Bij koopwoningen zijn ook de eigenaren verantwoordelijk voor hun achteromsteeg
Er zijn ook steegjes die niet direct toegang geven tot woningen maar een verbinding zijn tussen straten. Daar doet de gemeente het onderhoud.
De berenklauw is een plant die in de zomer hard groeit en goed is voor andere planten en dieren. In Dijk en Waard komen twee soorten voor: de gewone berenklauw en de reuzenberenklauw.
De gewone berenklauw wordt maximaal twee meter hoog en heeft geen rode vlekken op de stengels. De reuzenberenklauw kan tot vijf meter hoog worden en heeft grote witte bloemschermen. Deze soort heeft wel rode vlekken op de stengels.
Berenklauw en huidirritatie
Beide soorten kunnen huidirritatie veroorzaken. De gewone berenklauw kan bij aanraking een lichte huidirritatie geven, vergelijkbaar met een brandnetel. Raak de plant daarom niet aan en pluk deze niet.
Het sap van de reuzenberenklauw is schadelijk en kan de huid ernstig aantasten. Bij zonnig weer kunnen brandblaren ontstaan.
Onveilige situatie melden
Ziet u een reuzenberenklauw in de openbare ruimte die een onveilige situatie veroorzaakt, bijvoorbeeld bij een speeltuin? Meld dit dan bij de gemeente.
Snelle verspreiding via sloot
Heeft u een berenklauw in de tuin? Dan hoeft u deze niet te verwijderen. Wij vragen wel uw hulp om ervoor te zorgen dat deze zich niet verder verspreidt. Let erop dat de plant niet in de buurt van een sloot staat. Als zaden van de berenklauw in het water komen, verspreidt deze soort zich namelijk veel sneller.
Tips om de berenklauw te verwijderen
Verwijdert u liever toch een berenklauw uit uw tuin? Let dan op de volgende tips:
- Schep de plant uit de grond met zoveel mogelijk wortels.
- Draag altijd beschermende kleding en handschoenen en bescherm ook de ogen.
- Verwijder de bloem van de plant vóórdat er zaden ontstaan.
- De berenklauw mag in de groene gft-bak. U kunt het tuinafval ook naar het afvalscheidingsstation brengen.
Brandblaren
De reuzenberenklauw kan wel 5 meter hoog worden en heeft grote witte bloemschermen. Kenmerkend zijn de rode vlekken op de stengels. Het sap van de reuzenberenklauw tast de huid aan. Vooral bij zonnig weer ontstaan brandblaren.
Gemeente Dijk en Waard zet volop in op bestrijding van de Japanse duizendknoop en kan uw hulp hierbij goed gebruiken.
Moeilijk te herkennen en te bestrijden
De Japanse duizendknoop is een woekerplant die veel schade kan veroorzaken. Een woekerplant groeit snel en sterk. De wortels groeien onder de grond en kunnen zich ver verspreiden.
Daardoor kan de Japanse duizendknoop schade aanrichten aan tuinen en parken. De plant kan zelfs door rioolbuizen, wegen en funderingen groeien. Omdat de plant zo hard groeit en bijna niet te bestrijden is met middelen, is het moeilijk om de Japanse duizendknoop te verwijderen op plekken waar hij stevig in de grond zit.
De Japanse duizendknoop wordt niet altijd meteen als onkruid herkend. Dat komt doordat de plant in augustus en september bloeit met mooie crèmewitte, soms witroze bloemen.
Houd uw eigen tuin vrij
De gemeente verwijdert de Japanse duizendknoop uit de openbare ruimte. Om de Japanse duizendknoop te bestrijden, is samenwerking tussen gemeente en inwoners belangrijk. Controleer daarom regelmatig uw tuin.
Tips om de Japanse Duizendknoop te verwijderen
Groeit de Japanse duizendknoop bij u in de tuin? Dan kunt u zelf de plant verwijderen. Houd daarbij rekening met het volgende:
Doen:
- Gooi de planten altijd met wortels in een afgesloten zak bij het restafval.
- Graaf de plant met de gehele wortels uit.
- Knip de plant met de hand en reinig de snoeischaar na afloop.
- Doe het snoeiafval in afsluitbare zakken.
Niet doen:
- Gooi de resten van de plant nooit in de GFT+E-afvalbak. De plant kan na verwijdering namelijk nog steeds groeien en zo de composteerlocatie in gevaar brengen.
- Gooi het snoeiafval niet in het water. Ook via het water kan de plant zich op andere plekken verder verspreiden.
- Gebruik geen machines. Dit is niet goed schoon te maken, waardoor kans op besmetting groot is.
De gemeente verricht geen werkzaamheden bij bedrijven of particulieren om de Japanse duizendknoop te bestrijden.